Het gesprek
Het gesprek
Leren ontstaat vanuit verbinding en verwondering van kinderen. Om in verbinding en verwondering te komen is het gesprek met elkaar voeren, een belangrijk onderdeel om onze leerlingen tot leren te laten komen. Gesprek krijgt binnen de school vorm door middel van kringgesprekken, presenteren, nieuwsgierig zijn en aandacht hebben voor elkaar.
Binnen CK De Verrekijkers vinden we het belangrijk om met elkaar in gesprek te zijn en blijven. Dit geldt voor leerlingen, leerkrachten en ouders, zowel onderling als met elkaar. Dit zien we binnen de school en de opvang terug in de volgende uitgangspunten voor het gesprek:
- Je stelt je open voor de ander.
- De ontmoeting met elkaar vormt de rode draad.
- De nadruk ligt op betekenisgeving; heeft dat wat je zegt of doet of vraagt, hier en nu zin?
- De nadruk ligt op de dialoog en niet op de discussie of op tweerichtingsverkeer.
- Er is aandacht voor de onderliggende vraag van de kinderen.
- Er ontstaat ‘van elkaar leren’ door elkaar te informeren.
- Er is gerichte aandacht voor verschillende gespreksdoelen, zoals bijvoorbeeld presenteren en debatteren.
- De gesprekken vormen een spiegel voor de cultuur binnen het kindcentrum.
Kinderen ervaren het volgende in de klas en op school:
- De evaluatie van een schooljaar vindt plaats in gesprek tussen leerkracht, ouder en kind. Het kind kan hierbij vertellen wat het de afgelopen tijd geleerd heeft en wat het kind wel en niet prettig heeft ervaren.
- Kinderen gaan met elkaar in gesprek over de kracht van de overeenkomsten en verschillen die ze zien.
- Leerkrachten en kinderen zijn met elkaar in gesprek over de behoeften van het kind.
- Kinderen leren luisteren en vragen te stellen aan elkaar.
- Leerlingen leren van elkaar, door aan elkaar te presenteren, gesprekken te begeleiden.
- Vanuit thematisch werken laat je aan elkaar zien waar aan gewerkt is. Dit presenteren kan op verschillende manieren ingevuld worden.
Snel naar: